zondag 21 augustus 2016

Een dagje macrofotografie

Als kind ging ik al regelmatig met mijn "grote" broer de natuur in, struinend door natuurgebiedjes in de omgeving. De laatste jaren hebben we dat samen de natuur ingaan weer nieuw leven ingeblazen. Een paar weken geleden hebben we ons een dagje bezig gehouden met macrofotografie.





Toen we begonnen waren overal nog druppels te vinden aan de grassprieten, tja en als je een macrolens bij je hebt zijn wat mij betreft druppels niet te weerstaan. Zo leuk om daar even mee te spelen en te proberen daar leuke plaatjes van te maken. Je kunt er eindeloos mee experimenteren,met het licht, de scherptediepte en de composities, ik zou er wel uren mee aan de slag kunnen blijven,maar er waren nog meer onderwerpen in de aanbieding.





Macrofotografie blijf ik een prachtig onderdeel van de natuurfotografie vinden. Er zijn zoveel onderwerpen die zich lenen macrofotografie. Het is bijvoorbeeld steeds weer geweldig welke mooie details je bijvoorbeeld van insecten zichtbaar kunt maken. Mooi ook om te experimenteren met de scherptediepte en het licht.


Ook leuk zo'n piepklein beestje, gezeten op een vinger kun je goed zien hoe klein het diertje is. Het is natuurlijk goed om de natuur zo weinig mogelijk te verstoren, anderzijds is het volgens mij toch ook prachtig als je de beleving hebt dat je een diertje even zo kunt bewonderen. Ik ontmoette onlangs een gezinnetje met een klein jongetje dat kikkertjes ving en trots kwam laten zien en heel voorzichtig gingen die kleine handjes even open om mij een blik te gunnen op zijn schat. En daarna werd het kikkertje weer voorzichtig teruggezet. Ik gun ieder kind van harte dergelijke mooie natuurbelevingen, ik denk dat dat de basis vormt om er voor te zorgen dat men zuinig is op de natuur.






Thuisgekomen van een mooie natuurdag was de koek nog niet op. Mijn broer heeft als als fotohobby het fotograferen van slakken en dus moesten we daar samen natuurlijk ook nog even mee aan de slag.
Er werden een aantal fotomodellen verzameld en in een glazen schaal geplaatst, geen echte natuurfotografie dus, maar wel een mooie macro-uitdaging om daar leuke opnamen van te maken. Ik heb hier getracht om zo weinig mogelijk van de schaal zichtbaar te maken zodat de slakken alle aandacht krijgen. Uiteraard zijn de slakken na bewezen diensten bedankt en weer keurig teruggezet in de tuin.

donderdag 11 augustus 2016

Nog eens een verrekijker testen

Enkele jaren geleden werd ik al eens benaderd door Knives and Tools of ik een Eden verrekijker van hen zou willen testen. Omdat ik best nieuwsgierig was naar de kwaliteit van zo'n verrekijker besloot ik om op het testverzoek in te gaan en was aangenaam verrast, zie deze blog. Onlangs werd ik gevraagd om ook de Eden XP 8 x 32 uit te proberen.



De kijker die ik in 2012 testte was een Eden XP 8 x 42, ik was daar toen heel tevreden over en sindsdien gebruik ik de kijker altijd als ik de natuur in ga. Eigenlijk vroeg ik me af wat een andere nog meer zou kunnen bieden. De reden dat ik toch op het verzoek ben in gegaan om nu een Eden XP 8 x 32 te testen was het aanzienlijke gewichtsverschil.
Namelijk 660 gram voor de XP 8 x 42  en 465 gram voor de XP 8 x 32, een flink verschil en dat voel je wel als een kijker om je nek hangt, een verschil dat vooral bij  (lange) wandelingen een groot voordeel is.


Naast het gewichtsverschil is er ook verschil in afmeting, zoals ook goed te zien is op bovenstaande foto. Ik heb zelf niet van die enorm grote handen en voor mij liggen beide kijkers goed in de hand. Ik was benieuwd hoe dat was bij mensen die juist grotere of kleinere handen hebben. Het bleek bij de mensen die grote handen hebben geen probleem te zijn of ze de 8 x 42 of de 8 x 32 in handen hadden. Wel was er iemand met extra kleine handen die een uitgesproken voorkeur had voor de Eden XP 8 x 32 vanwege het geringere formaat en het gewichtsverschil.


Ik ben geen verrekijkerexpert maar geef weer wat mijn praktijkervaringen zijn met deze verrekijkers. Prettig vind ik dat ze beide geleverd worden met een brede, wat elastische neopreen draagband, die zeer comfortabel draagt om je nek. De 8 x 32 heeft andere frontdoppen dan de 8 x 42, die van de laatste vind ik makkelijker op te zetten, De doppen van de 8 x 32 vind ik wat moeizamer te plaatsen, maar als ze eenmaal zitten is het prima. De Edenkijkers hebben een scherp beeld, waar je wellicht even aan moet wennen is de kleine scherptediepte. Dat betekent dat je voortdurend je scherpstelwieltje moet bedienen, maar dat gaat wel heel soepel en ik moet zeggen dat ik er nu helemaal aan gewend ben en het beeld is gewoon heel scherp.



Beide kijkers hebben een close focus van 1,2 meter, dat is heel fijn als je bijvoorbeeld kleine beestjes wilt bekijken. Ben je iemand die ook tijdens bijvoorbeeld de schemering reeën wilt bekijken dan ben je iets beter uit  met de 8 x 42, die lichtgevoeliger is dan zijn kleinere tegenhanger. Als ik ze naast elkaar gebruik vind ik dat de 8 x 42 sowieso een iets scherper en helderder beeld geeft.


Mijn conclusie is dat je bij beide verrekijkers waar voor je geld krijgt, goede kijkers waar je jarenlang plezier van kunt hebben, inclusief 25 jaar garantie. Ze halen niet het kijkbeeld van een Swarovski (ik heb zelf een telescoopkijker van dat merk) maar zijn dusdanig goed dat ik ze met plezier gebruik.
Maakt het verschil in gewicht je niet uit en ook niet de vijftig euro extra, dan zou ik kiezen voor de Eden XP 8 x 42. Ben je echt een lange-afstanden-wandelaar of vind je het gewicht van een kijker belangrijk en wil je toch graag een goede compacte lichtgewicht kijker mee, dan zou ik de Eden XP 8 x 32 overwegen.
Ben je een echte vogelkijker en wil je graag nog meer vergroting kijk dan ook even op de site van René, die een Eden XP 10 x 42 heeft getest.




zondag 24 juli 2016

Een avond nachtvlinderen

Afgelopen week had ik onverwacht de kans om een avond te nachtvlinderen met Kees Boele.
Kees verzorgde  een nachtvlinderavond bij natuurkampeerterrein Thijencamp en nieuwe eigenaren Loes en Ronald gaven me gastvrij de gelegenheid om hierbij aan te schuiven in Laaghalerveen.
Na een interessante inleidende presentatie over nachtvlinders, was het tijd om buiten bij het door lampen beschenen witte doek plaats te nemen en vol verwachting te kijken wat er langs zou komen fladderen.

Plakker mannetje

Plakker mannetje

Allerlei vliegjes en mugjes hadden het witte doek al gevonden en even na tienen verscheen de eerste nachtvlinder van formaat, een prachtige vlinder met de naam Plakker (Lymantria dispar). Een mooi mannetje met fraaie antennes. De vlinder dankt zijn naam aan het feit dat het vrouwtje haar eitjes als een plakkaat op de schors van een boom plakt. De naam paste overigens ook prima bij dit mannetje, die leek wel aan het doek geplakt en heeft er, nadat ie eerst even door iedereen was bewonderd in een potje, de hele avond gezeten.

Gele eenstaart

Berkeneenstaart

Geelschouderspanner

De dagvlinders worden vaak bejubeld vanwege hun mooie kleuren, maar veel  nachtvlinders zijn ook prachtig. Kijk maar eens naar het zonnig gele trio hierboven, De bovenste is de gele eenstaart (Watsonalla binaria), dankt zijn naam aan het puntvormige achteruiteinde van de rups. Dat geldt ook voor de berkeneenstaart (Drepana falcataria)  die naast de vorm van de rups ook naar zijn belangrijkste waardplant, de berk is vernoemd. De gele eenstaart komt vooral op eiken voor en overwintert als pop in een strak dicht gesponnen eikenblad. De derde gele vlinder behoort tot de familie van de spanners en is een geelschouderspanner (Ennomos erosaria) een prachtig fijn belijnd vlindertje met mooie gekartelde vleugeltjes en een kenmerkend  kanariegeel borststuk.

kleine beer

Kroonvogeltje

Kameeltje

Er komen in Nederland meer dan tweeduizend soorten nachtvlinders voor en de variatie in kleur en vorm is groot en ook qua benaming heeft men zich vaak flink uitgeleefd.
Wat te denken van een kleine beer, een kroonvogeltje of een kameel, je waant je echt op safari en dat was het eigenlijk ook een safari van de kleine nachtfladderaars. De kleine beer (Phragmatobia fuliginosa) heeft zijn naam te danken aan zijn dicht behaarde rups. Het kroonvogeltje(Ptilodon capucina) dankt zijn naam aan het witte "kroontje" op zijn kop, onduidelijk trouwens waarom de vlinder "vogeltje" wordt genoemd. Het prachtig getekende kameeltje (Notodonta ziczac), dankt zijn naam aan de merkwaardige vorm van de rups.

Braamvlinder

Berkenbrandvlerkvlinder

Kleine hermelijnvlinder

Het was echt genieten die avond, veel soorten vlinders en ook nog eens perfect weer met rond middernacht nog zo'n 18 graden. Hier nog een paar mooie exemplaren die op het licht afkwamen.
De heel mooi gekleurde braamvlnder (Thyatira batis) die zijn naam dankt aan de braam als waardplant. De berkenbrandvlerkvlinder (Pheosia tremula) heeft de berk als waardplant en zijn vleugels zien eruit als verbrand hout, ook een fraaie soort om te zien.
Nog zo'n bijzonder fraai vlindertje is de kleine hermelijnvlinder (Furcula furcula) heel mooi getekend, en doet denken aan een hermelijnmantel.

Huismoeder

Dennenpijlstaart

Groot avondrood

Nachtvlinders zijn er van heel klein tot flinke exemplaren, die grote vlinders maken natuurlijk wel indruk als je die ziet rondvliegen. Alles bij elkaar zijn er die avond ruim 70 soorten genoteerd en ik besluit met een paar grote soorten. De huismoeder (Noctua pronuba) een vinder die vooral fraai is als ie zijn oranje achtervleugels toont. En nog twee soorten uit de pijlstaartenfamilie die hun naam te danken hebben aan het  pijlvormige uitsteeksel aan de achterzijde van hun rupsen. De Dennenpijlstaart (Sphinx pinastri) is overwegend bruin van kleur, maar valt wel op als hij zich bij het licht meld. Dat geldt nog meer voor het Groot avondrood (Deilephila elpenor) met zijn opvallende olijfgroene met roze kleur, echt een prachtig beest en leuk dat we die ook te zien kregen. De naam groot avondrood verwijst trouwens met de rozerode kleur naar het avondlicht. Al met al een zeer geslaagde avond op natuurkampeerterrein Thijencamp. wie de kans heeft moet zeker ook eens meedoen aan zo'n nachtvlinderactiviteit, echt een belevenis.




maandag 11 juli 2016

Barnsteenslak met parasitaire zuigworm


In de natuur kun je van alles beleven, mooie en aandoenlijke zaken zoals jonge vogels of kleurrijke vlinders, maar er gebeuren  ook dingen die verre van romantisch zijn.
Zo kwam ik een tijdje geleden een barnsteenslakje tegen dat geparasiteerd was door een zuigworm.



De gewone barnsteenslak (Succinea potris) is een klein slakje van 15-20 mm  die je vaak aantreft aan de waterkant. Ik vind ze fotogeniek en dus let ik er eigenlijk altijd wel op als ik er eentje zie.
Zo ging dat een tijdje geleden ook, ik zag een slakje, maar toen ik beter keek zag ik iets heel merkwaardigs. Dit slakje had een tentakel die enorm groot was en merkwaardig pulserend bewoog.

Larve van zuigworm in tentakel van slak afbeelding:.Wikipedia

Ik had al snel in de gaten dat ik hier te maken had met een slakje die tegen zijn wil gastheer was geworden van een parasiet. De larve van een zuigworm (Leucochloridium paradoxum) had zich in het slakje ontwikkeld en vormde een knotsvormig uitsteeksel waarmee het in een tentakel van het slakje was gaan groeien. Het was ook de larve die verantwoordelijk was voor opvallende in- en uitstulpende bewegingen van de enorme tentakel.
Op een afbeelding van Wikipedia is te zien hoe een larve zich een weg zoekt in de tentakel van een slak.



Bovenstaand filmpje dat ik gemaakt heb van het barnsteenslakje is niet van geweldige kwaliteit, maar je kunt wel heel goed zien hoe bizar het is dat het slakje daar rondkruipt met met zo'n enorme tentakel.
De pulserende bewegingen die door de larve worden veroorzaakt zijn er niet zomaar, daar is een heel slimme reden voor.


Vogels zien die opgezwollen en hevig bewegende tentakel aan voor een lekker hapje en eten daarom de geparasiteerde slak op als ze die tegenkomen. Hierdoor komt de larve in het spijsverteringskanaal van de vogel terecht, waar het kan uitgroeien tot een volwassen zuigworm.
Als de slak niet door een vogel wordt opgegeten, groeit de larve gewoon door totdat de tentakels uiteindelijk openbarsten. De larven moeten dan zien dat ze op een andere manier een een nieuwe gastheer krijgen.



Tja en de arme barnsteenslak  is dus hoe dan ook ten dode opgeschreven als hij onvrijwillig als gastheer moet dienen voor een zuigworm.
Geen vrolijk verhaal dus maar wel een voorbeeld hoe buitengewoon vernuftig de natuur steeds maar weer in elkaar blijkt te zitten.

zondag 3 juli 2016

Jonge merels in de tuin

Tot mijn grote verrassingen bleek een tijdje geleden dat een paartje merels het raampje bij het toilet hadden uitgekozen voor hun nest. Ik had de heer merel al eens keurend rond zien draaien op het vensterbankje achter de rozenstruik. Blijkbaar had mevrouw merel de keuze van haar partner goedgekeurd want een weekje later sleepten beiden vol overgave nestmateriaal aan.





Het leek me een uitgelezen kans om deze merels de komende tijd maar eens op de voet te volgen. Ik had helaas geen mogelijkheid om er een schuiltentje bij te zetten, maar ik kon wel af en toe even wat opnamen maken zonder de boel te veel te verstoren. En natuurlijk had ik ook zicht  door het raampje, maar niet om te fotograferen. Zo kon ik goed in de gaten houden dat de jonge mereltjes uit het ei kwamen, wat een kleine mormeltjes en wat lelijk zijn ze eerst. Wat ze direct al kunnen is die snaveltjes wijd open sperren en pa en ma vlogen  af en aan om wat in die gele bekkies te stoppen.




Als je zo'n vogelgezinnetje zo dagelijks in de gaten kunt houden, krijg je toch steeds meer bewondering voor die ouders. Onverdroten vliegen ze de hele dag heen en weer om hun kleine grut te kunnen voeden. Het bleek ook nog een groot gezin te zijn met maar liefst vijf jongen. Veel maagjes dus om te vullen en de jongen hebben enorme hoeveelheden voedsel nodig om te groeien en hun verenkleed te ontwikkelen. Onvoorstelbaar hoe hard die kleine mereltjes trouwens groeien, je ziet ze gewoon dagelijks veranderen.




Het nestje zat dus behoorlijk "open en bloot", slechts een beetje uit het zicht door een rozenstruik. Met veel katten in de buurt vond ik dat nogal een spannend gebeuren en dat vonden pa en ma merel ook, die lieten hun alarmroep regelmatig horen. Het leek allemaal goed te gaan totdat ik op een vroege ochtend een enorm geschreeuw hoorde van de merels. Ik sprong uit bed en zag nog net hoe een kat met een jonge merel in zijn bek wegliep met pa en ma merel er in paniek achteraan. Niet een  romantisch gebeuren, maar de keiharde realiteit van de natuur. De jonge merels waren dus uitgevlogen en zijn dan nog heel onnozel en kunnen natuurlijk ook nog niet zo goed vliegen.






Ik weet niet hoeveel jonge merels er uiteindelijk groot geworden zijn, gelukkig waren er meer nestjes in de buurt en hoe ouder de jongen worden des te beter ze leren waar gevaar is. Ook buiten het nest worden de jonge merels nog een poosje verzorgd door de ouders. Op een gegeven moment kunnen ze ook prima zelf voor hun kostje zorgen en beginnen de ouders te weigeren om nog voer in de altijd maar wijd opengesperde snaveltjes te stoppen. Uiteindelijk staan ze dan helemaal op eigen benen deze jonge puber merels.



Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...